Journaal

Een iets beschuttere plek misschien

Een iets beschuttere plek misschien is een proeve van geëngageerde essayistiek in de vorm van een veelvormig cultureel journaal, uitgelokt door gebeurtenissen in de wereld. Alle denkbare onderwerpen komen aan bod: een zwarte zangeres die weigert op te treden voor de ongelikte beer in Washington, het verband tussen carnaval en de twintigste-eeuwse avant-garde in de kunst, de hypocrisie van Moeder Teresa, de bedenkelijke smaak van prosecco, de afnemende tekenvaardigheid van de schooljeugd, literaire omkooppraktijken, een moedige diplomaat, de dood van een vriendin en de geboorte van een kleinkind, enzovoorts, enzovoorts. Er is alles in de wereld, zei Lucebert. En er is alles in dit boek.

  •  
  • Uitgeverij: De Arbeiderspers
  • NUR: 321
  • Uitgave: Paperback
  • ISBN: 9789029525794
  • Prijs: € 25,99
  • Publicatiedatum: 25-09-2018

Rob Bindels over Een iets beschuttere plek misschien 

Uitgesproken tijdens boekpresentatie op 27 september 2018 in Maastricht 

Voorwaar een vruchtbaar schrijverschap vieren we vandaag, áls we de balans al kunnen opmaken. De auteur, 73 jaar jong, rust immers nog altijd niet op zijn lauweren. Al tijdens zijn studententijd in Amsterdam werkte hij aan wat in 1973 – 45 jaar geleden – zijn eerste publicatie zou worden. Lees verder >

Nijssen Schrijft: Er is alles in de wereld van Cyrille Offermans

Enkele herinneringen en overwegingen naar aanleiding van het verschijnen van Een iets beschuttere plek misschien, door Peter Nijssen. Lees het artikel op Nijssen Schrijft > 

De Limburger, 20 oktober 2018

“Nee zeggen tegen het verzoek een deel in de prestigieuze boekenreeks Privé-Domein te schrijven. De Sittardse schrijver en essayist Cyrille Offermans deed het jaren geleden. Hij had het te druk. Nu heeft hij er toch de tijd voor gevonden.” Lees verder >

Fragment uit bespreking in Het Parool van 20 oktober 2018

Portretten van Rob van Gennep en Paul de Wispelaere zijn met warmte geschreven, en werkelijk ontroerend is het profiel van zijn vriend en mederedacteur van Raster Jacq Vogelaar. Offermans debuteerde in 1978 in Raster en schreef in De Groene op uitnodiging van de in 2013 overleden Vogelaar.

Als opstapje naar het verhaal over Vogelaar uit Offermans zijn bedenkingen tegen de toekenning van de P.C. Hooftprijs aan Bas Heijne: ‘De P.C. Hooftprijs is een literaire prijs, en met literatuur heeft het werk van Heijne nauwelijks iets te maken. Waarom is Vogelaar nooit die prestigieuze prijs toegevallen? Vogelaar publiceerde in 2005 zijn monumentale studie Over kampliteratuur. Het was ook het laatste boek dat De Bij van Vogelaar uitgaf. Gelukkig stond Querido klaar als zijn nieuwe uitgever.

Offermans memoreert een bezoek aan de al doodzieke Vogelaar, die in feite voor het eerst iets over zijn jeugd vertelde. Maar ook dat Querido zijn boek Grensgangers geweigerd had. Offermans las het manuscript en schreef een lange brief naar Querido, om de uitgever ervan te overtuigen dit prachtige boek wél uit te geven. Tevergeefs. Het manuscript is nooit gepubliceerd.

Offermans opmerkingen over de vorig jaar overleden Frans Smits zijn mij uit het hart gegrepen. Wij kenden hem als hoofdredacteur van het Historisch Nieuwsblad, bedenker van het succesvolle tijdschrift Maarten, de Maand van de Geschiedenis, de Libris Geschiedenis Prijs en De Grote Geschiedenis Quiz, maar Offermans had ‘Fransje’ als leerling in de klas. Een jongen die leed onder de autoriteit van zijn vader, die filiaalhouder was van de plaatselijke bank. Hij ging geschiedenis studeren in Amsterdam, maar bleef contact houden met zijn oud-leraar.

Offermans ontmoette Frans voor de laatste keer voorafgaand aan een uitzending van Radio Limburg. Het gesprek verliep stroef, totdat de Interviewer hem vroeg naar zijn ervaringen als leerling op een Limburgse school. Toen kwam hij los en nagelde hij met een ironische grijns maar zonder mededogen de leraren aan de schandpaal die zijn leven zo vergald hadden – eindelijk herkende ik in die stem het kwetsbare en gekwetste jongetje van destijds.

Door dit soort persoonlijke observaties is Een iets beschuttere plek misschien uiteindelijk een mooi boek geworden, …”

Harald Merckelbach in het NRC over Een iets beschuttere plek misschien, 9 november 2018 

‘…Boeken scherpen ook het vermogen om te reflecteren; lezen stelt je in staat om gepaste afstand te houden van de waan van de dag. Het is een terugkerend thema in dat prachtige en onlangs bij Privé-domein verschenen journaal van essayist en veellezer Cyrille Offermans (Een Iets Beschuttere Plek Misschien). Op zeker moment vraagt Offermans zich af of hij zijn boeken niet moet opruimen. Hij schrijft: „Nee, een huis zonder boeken is een onleefbaar huis. In al die boeken heb ik geleefd, ze hebben mijn gevoel voor de hopeloze onvolmaaktheid van het leven evenzeer gevoed als mijn dromen, ze zijn de tastbare getuigen van alle lyriek en alle denkkracht die me hebben voorzien van een bijna ononderbroken stroom van revitaliserende injecties, van mentale weerbaarheid en kritische zin. Onmogelijk uit te maken wie ik zonder die boeken zou zijn geweest…Lees de volledige column op nrc.nl >

Creatief intellect om erger te voorkomen, boekenbijlage.nl, 14 november 2018

‘…De oorlog in Syrië en de verkiezing van Trump. Het opkomende nationalisme en het presidentschap van Macron (‘een neoliberaal in hart en nieren’). De gedachteloze verengelsing van het wetenschappelijk onderwijs en de bijna paranoïde afkeer van de verworvenheden van de jaren zestig. Offermans zegt er verstandige dingen over, opmerkingen die iets toevoegen aan het beeld dat je je van deze gebeurtenissen gevormd had.

Voor een deel komt dat door zijn scherpe observaties bij de fenomenen die hij beschrijft. Over ‘routine’ bijvoorbeeld merkt hij op dat die vaak ‘leidt tot vergeten van de tijd die aan routinevorming voorafging, en dat vergeten tast de kracht van onze empathische vermogens aan.’

Naar aanleiding van het werk van socioloog Richard Sennett en psycholoog Paul Verhaeghe bekritiseert hij de neoliberale omarming van, wat hij noemt, ‘de mateloos flexibele mens’. Maar, zegt Offermans, er is helemaal ‘geen behoefte aan nog meer flexibiliteit, discontinuïteit en mateloosheid, er is behoefte aan nieuwe, niet-paternalistische vormen van autoriteit, gebaseerd op een grote, vertrouwenwekkende kennis van zaken en het vermogen die over te dragen op anderen.’” 

Lees het volledige artikel op boekenbijlage.nl >

Carel Peeters in Vrij Nederland: Literaire kroniek: hoe het essay van stiefkind tot lieveling van de literatuur uitgroeide, 18 december 2018

‘…Offermans bereikt hier, na zo’n tien boeken met essays, de zenith van zijn kunnen. Hij schrijft reflectief maar soepel over alle mogelijke onderwerpen. Hij incorporeert ze stuk voor stuk in zijn persoonlijke literaire, artistieke, gevoelsmatige of intellectuele domein. Offermans was in al de jaren dat hij essays en kritieken schreef (en schrijft) voor Vrij Nederland en De Groene een uitgesproken vitalist die voor een bevestigende houding in het leven koos. Dat was het gevolg van zijn ervaringen met het negativisme van Theodor Adorno

Lees het hele artikel op vn.nl >

Interessante beschouwingen over schrijven en kunst, Literair Nederland, 21 december 2018 

‘…Het zijn circa 150 mini-essays van gemiddeld 4 boekpagina’s en alhoewel ze gaan over 150 verschillende onderwerpen is de verbindende factor de schrijver zelf.
Stuk voor stuk zijn het goed geschreven en interessante beschouwingen van een erudiet en gevoelig mens. Persoonlijke details schuwt hij, en zijn ook niet nodig als het – zoal meestal – gaat over schrijvers en kunst. 

Lees het hele artikel op literairnederland.nl >

Luc Devoldere in de Standaard van 28 december 2018